|
DE KATWIJKSCHE POST |
DONDERDAG 30 OKTOBER 2009 |
||
|
Veelzijdig Excelsior zingt drie toppers |
|||
|
Gehoord: Dorpskerk Katwijk aan den Rijn, 30.10.2009 C.O.V. Excelsior uit Katwijk met Orkest RBO Sinfonia, Solisten: Heleen Koele, sopraan, Margareth Beunders, alt, Frank Fritschy, tenor, Martijn Sanders, bas, Niek van der Meij orgel. Dirigent: Wim van Herk. Programma: Kyrie Mozart, Stabat Mater Haydn en Mis in D van Dvorák.
Door Emmerik de Munnik
|
Het Stabat Mater van Joseph Haydn is ook al zo'n werk wat onterecht wat
minder bekend is. De middeleeuwse tekst over moeder Maria en Johannes,
die bij het kruis van Jezus staan wordt traditioneel op Goede Vrijdag
opgenomen in de liturgie van de eredienst van de R.K.-kerk, maar Haydn
was de eerste, die een concertversie maakte. Vier solisten, alleen, als
duo, als kwartet en samen of afgewisseld met het koor bezingen het verdriet
en denken na over de betekenis van het lijden van de Heer. Het werd het
hoogtepunt van de avond. Excelsior klaagde, Excelsior smeekte, klonk soms
opstandig, dan weer berustend om te besluiten met een triomfantelijk en
vertrouwend Im Paradisum. Dit laatste deel was wat mij betreft niet het
sterkste wat Haydn schreef bij de Stabat Mater tekst. De coloraturen die
de sopraan moet zingen doen meer denken aan een goed glas wijn dan aan
hemelse visioenen. De vertolking die Wim van Herk met Excelsior realiseerde
toonde op beheerste wijze aan hoe beeldend de muziek van Haydn kan zijn.
Dat hij in een jaar tijd een amateurkoor tot dit niveau weet op te tillen
pleit voor zijn vakmanschap. Dit bleek vooral in het deel waarin de gelovige
zich persoonlijk bij het gezelschap op Golgotha voegt en koor en solisten
gezamenlijk gebeden zingen. Fac me plagis vulnerari werd een staalkaart
van de souplesse, de alertheid en de emotionaliteit waarmee Excelsior
weet te overtuigen. Ook RBO Sinfonia bewees weer een toporkest in het
begeleiden te zijn. De hobo's waren huiveringwekkende tranentrekkers en
de strijkers geselden genadeloos maar uiterst precies hun snaren. Het
wemelde bij deze uitvoering van prachtige momenten. Zuid-Holland moet
maar zuinig zijn op dit ensemble. |
Toch was er veel te genieten. De sopranen waren duidelijk beter in vorm dan bij een vorige gelegenheid en de alten klonken vroom en ingetogen, bijna deemoedig in hun geloofsbelijdenis. Ook de heren, helaas klein in getal, weerden zich heel verdienstelijk. Een iets grotere mannenbezetting zou echter de homogeniteit van de klank ten goede komen. De organisatoren hadden ook een gelukkige keus gemaakt voor de soli.
Heleen Koele is een jonge sopraan met een grote presentie. Zowel de coloraturen
als de lange lijnen bracht zij overtuigend. Alleen in combinatie met de
tenor dreigde ze te domineren. Margareth Beunders wordt niet voor niets
vaker door Excelsior uitgekozen. Een warme altklank, soepel en betrouwbaar.
Frank Fritschy was niet steeds briljant, maar gelukkig soms ook wel. De
verrassing bij de solozangers was Martijn Sanders. Zijn sonore, diepe
bas bracht de horror van de gesels en de spijkers heel dichtbij, als in
een opera. Ook in de mis was hij een rots om op te bouwen. Een naam om
te onthouden! Onze plaatsgenoot Niek van der Meij is eigenlijk een veel
te bescheiden mens om solist te zijn. Hij versterkte die indruk voor de
pauze, waar zijn orgelspel als basis in de begeleiding niet erg opviel.
Maar hoe kan men zich vergissen. Het compacte Sonneveldorgeltje liet zich
solistisch horen in de mis van Dvo·ák, een herinnering aan
de oorspronkelijke versie van deze compositie. Hier bleek hoe mooi Niek
kan spelen en waartoe hij in staat is. Perfect de sfeer aanvoelend en
één van geest met de dirigent. Niek laat eens vaker iets
van je horen!
|
|