DE KATWIJKSCHE POST

DONDERDAG 13 NOVEMBER 2008

Excelsior op ongebaande paden

Excelsior heeft jaren geleden een opmerkelijke maar fantastische keuze gemaakt: zingen van bij het grote publiek onbekend werk. Een gewaagde onderneming, want wat is meer voor de hand liggend dan op safe te spelen en muziek te ma­ken waarvan je zeker weet dat de toehoorder het lust? Daarbij komt: onbekend maakt onbemind, etcetera. Maar dat is lariekoek. En gemakzucht, dat ook! Een beetje koor mag best zijn nek uitsteken. En een beetje publiek mag heus zijn best doen. Daar krijgt je na­melijk iets moois voor terug.


Door Adri van Beelen


Lekkere gerechten moet je leren eten. Dat geldt ook voor muziek en Excelsior heeft dat begrepen. Van­daar dat we keer op keer getrakteerd worden op verrukkelijke concerten in prima of zelfs spectaculaire uit­voeringen. Het Psalmenconcert van vrijdag 7 november in de Grote of St. Jeroenskerk in Noordwijk was daar weer een voorbeeld van.

'We zetten de klok jaren terug', merkte voorzitter Jasper de Kogel aan het begin van de avond op. Im­mers, het allereerste repertoire van Excelsior bestond rond 1920 ook uit psalmen en gezangen. Maar daar houdt de vergelijking met het heden ook meteen op. De psalmen die vrij­dag op de lessenaar stonden, kenden een iets andere muzikale begeleiding en uitwerking. Het hoogtepunt van de avond was Psalmus Hungaricus van de Hongaarse

componist Zoltán Kodály. 'Luister, God, naar mijn gebed, verberg u niet als ik om hulp smeek, sla acht op mij en geef mij antwoord. Klagend loop ik rond, radeloos'.,Het waren de verzen (iets anders berijmd) uit de psalm waarmee de toorn en het ver­driet van het Hongaarse volk rond 1923 werd uitgedrukt. Dramatiek klinkt dan ook op uit de verbeten klanken in dit werk. Een stuk waarin het koor prachtig tot uitdrukking kwam en het bij tijd wijle haast hal­lucinerend klonk. En zeer interes­sant werk ook voor het orkest dat hier werkelijk alle registers mocht opentrekken. Het kinderkoor als ijle aanvulling, de tremolo in de solovi­ool bij de onwezenlijke lyriek van de tenor. En dan die fraaie overgang naar het adagio met harp, vioolsolo, blazers. Gevolgd door het machtige 'Eeuwige rechtvaardige, nooit zult Gij dulden der boosdoeners bloed­dorstige daden'. En een berustende epiloog als afsluiting.

In Vijf Biblische Lieder excelleer­den tenor Robert Luts en organist Niek van der Meij. Een weldadig rustpunt temidden van woelende bij­belteksten. In zijn hoog heeft Luts iets van een lyrische Italiaanse tenor. Het Knipscheerorgel, op de dag af 168 jaar in gebruik, als parelende begeleider ernaast.

De akoestiek 'van de kerk in Noord­wijk is wat ruimer dan in bijvoor­beeld de Dorpskerk in Katwijk aan den Rijn. Met een langere nagalm. Dat maakte dat het orkest aanvanke­lijk het koor totaal leek weg te spe­len, meteen al in 'O, be joyful in the Lord' (Ps. 100) van Ralph Vaughan Williams. Maar al

gauw liet Van Herk wat gas terug­nemen, zodat koor en orkest wat beter in evenwicht waren. In dat eerste werk viel al op dat het hard werken was vanavond. Maar dat liet ook meteen zien waar Excelsior toe in staat is. Ook in Psalm 148 van Gustav Holst waar in een soort wer­veling 'Alleluja' moet worden ge­zongen, bleek de moeilijkheids­graad hoog. Dynamiek en articula­tie bleven gelukkig goed.

Hier en daar waren de inzetten niet altijd even zuiver, met name in de sopranen en de alten. Bovendien werd er soms ook ongelijk ingezet. Een gebrek aan concentratie kon dit niet zijn. Hier wreekt zich het feit dat het koor pas in een zeer laat sta­dium met het orkest zingt. Die wis­selwerking vraagt altijd om het af­tasten van elkaars klank en moge­lijkheden. Maar ik vraag me af of koor en orkest daar ooit voldoende tijd voor krijgen. Voor het orkest is een koor een koor als zovele (het begeleidt er jaarlijks tientallen), en voor het koor is het orkest altijd weer de grote klankverdikker die er aan het einde pas bij komt. Met die wetenschap is het eigenlijk nog een wonder dat het allemaal zo goed klinkt. Dat is de verdienste van di­rigent Van Herk, een vakman.

Psalmenconcert door COV Excelsi­or met medewverking van RBO Sinfonia, kinderkoor van de koor­school St. Bavo Muziekinstituut in Haarlem, Robert Luis (tenor), Niek van der Meij (orgel), onder leiding van dirigent Wim van Hei-k. Met werken van Elgar, Holst, Vaughan William, Kodály en Dvorák Ge­hoord in de Grote of St. Je­roenskerk in Noordwijk op vrijdag 7 november 2008.